ECLI:NL:CRVB:2001:AB1090
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- M.M. van der Kade
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-toewijzing functie Commandant Afdeling MTV wegens onvoldoende motivering
Appellant, adjudant-onderofficier bij de Koninklijke Marechaussee, maakte in februari 1997 zijn belangstelling kenbaar voor de functie van Commandant van de Afdeling MTV, verbonden aan de rang van eerste-luitenant. De directeur van de Centrale Dienst Personeel en Organisatie (CDPO) wees de functie op 17 april 1997 toe aan een andere kandidaat, waarna appellant administratief beroep instelde.
Het bestreden besluit van 13 oktober 1997 vernietigde het primaire besluit wegens motiveringsgebrek, maar handhaafde de niet-toewijzing aan appellant met het argument dat de andere kandidaat een ruimere ervaringsopbouw had. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelt dat de toewijzing van functies moet geschieden binnen de discretionaire bevoegdheid van het bestuursorgaan, maar dat beslissingen wel deugdelijk gemotiveerd moeten zijn en in overeenstemming met beleidsregels. De Raad constateert dat de Commissie van Advies inzake Functietoewijzing (CAFT) onzorgvuldig is omgegaan met feitelijke gegevens en dat de beleidsregel dat eerst gekeken moet worden naar de kwaliteit van de vervulde functie(s) niet correct is toegepast.
De Raad stelt vast dat appellant op basis van beoordelingsresultaten de voorkeur verdient en dat de ervaring van de andere kandidaat dit niet rechtvaardigt. Daarom vernietigt de Raad het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en beveelt een nieuwe beslissing met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt appellant het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het besluit om appellant de functie van Commandant Afdeling MTV niet toe te wijzen wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuwe beslissing.