ECLI:NL:CRVB:2001:AD3658
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.C. Schoemaker
- G.J. van Muijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging premieplicht kledingvergoeding niet zijnde werkkleding
Appellante exploiteert een horecabedrijf en verstrekte aan haar werknemers kledingvergoedingen voor blauwe broeken, rokken en witte overhemden of blouses die tijdens het werk gedragen moesten worden. De vergoedingen werden niet als loon verantwoord. Gedaagde stelde dat deze vergoedingen tot het premieloon behoren omdat geen sprake is van werkkleding.
De rechtbank oordeelde dat de kleding ook buiten het werk gedragen kan worden zonder als uniform te gelden en dat de vergoeding daarom niet als loon in natura wordt aangemerkt. Appellante voerde in hoger beroep aan dat het loon in natura betreft of subsidiair een onkostenvergoeding die niet tot het premieloon behoort, en beriep zich op het gelijkheids- en vertrouwensbeginsel.
De Raad verwierp deze beroepen, overwegende dat de kleding niet uitsluitend geschikt is om bij het werk te dragen en dat geen ondubbelzinnige schriftelijke toezeggingen waren gedaan die het vertrouwensbeginsel konden rechtvaardigen. De Raad bevestigde het bestreden besluit dat de vergoedingen tot het premieloon behoren en verwierp het beroep op het gelijkheidsbeginsel.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de kledingvergoedingen premieplichtig zijn omdat de kleding ook buiten het werk gedragen kan worden.