ECLI:NL:CRVB:2001:AD9509
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- T. Hoogenboom
- A. Beuker-Tilstra
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van ontslag en vermelding ontslaggrond bij ambtenaar met verstoorde arbeidsverhoudingen
Appellant was sinds 1990 werkzaam als systeembeheerder bij het [X.], onderdeel [Y.], en werd in 1997 overgeplaatst naar een andere functie vanwege een conflict met zijn chef. Na aanvang van zijn nieuwe functie ontstonden problemen die zowel te maken hadden met zijn functioneren als met een allergie gerelateerde werkomgeving. Gedaagde 1 heeft meerdere pogingen gedaan om de arbeidsverhoudingen te herstellen en appellant werkhervatting aan te bieden in een aangepaste werkkamer.
Toen appellant bleef weigeren te werken, werd hem op grond van artikel 8:8 van Pro de CAR/UWO eervol ontslag verleend, waarbij ook een recht op wachtgeld werd toegekend. Appellant maakte bezwaar tegen het besluit, met name tegen de vermelding van de ontslaggrond in het besluit en de hoogte van de uitkering. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde.
De Raad oordeelde dat de vermelding van de ontslaggrond in het ontslagbesluit niet stand kan houden omdat appellant hier niet om had verzocht, conform artikel 8:8:1 CAR Pro/UWO. De Raad vernietigde dit onderdeel van het besluit, maar bevestigde het ontslag zelf en het recht op wachtgeld. Tevens werd vastgesteld dat appellant in overwegende mate verantwoordelijk was voor het voortduren van de verstoorde arbeidsverhoudingen. Gedaagde 1 werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het ontslag wordt bevestigd, het besluit tot vermelding van de ontslaggrond vernietigd en gedaagde veroordeeld tot proceskostenvergoeding.