ECLI:NL:CRVB:2001:ZB9210
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- A. Beuker-Tilstra
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijk ontslag wegens verstoorde arbeidsverhoudingen onrechtmatig verklaard
Appellant was sinds 1966 werkzaam als vakleerkracht lichamelijke opvoeding en werd deels ontslagen uit zijn betrekking wegens ernstig verstoorde verhoudingen op een basisschool. Het ontslag betrof een deeltijdbetrekking van 40% bij die school. De Raad oordeelt dat de tewerkstellingsbeslissingen administratief niet overeenkwamen met de feitelijke situatie en dat appellant ten tijde van het ontslag niet bij die school was tewerkgesteld.
De Raad stelt vast dat de tewerkstellingsbeslissingen van rechtspositionele aard zijn en dat appellant geen bezwaar had gemaakt tegen de administratieve wijzigingen. Hierdoor stond vast dat hij niet bij de betrokken school werkte, zodat het ontslag van dat deel van zijn betrekking niet rechtsgeldig kon zijn.
De Raad vernietigt het primaire ontslagbesluit en het bestreden besluit, wijst het verzoek om immateriële schadevergoeding af, en veroordeelt de gemeente Haarlem in de proceskosten en griffierechten van appellant.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wordt vernietigd omdat appellant niet bij de betrokken school was tewerkgesteld, waardoor het deeltijdontslag onrechtmatig was.