ECLI:NL:CRVB:2002:AD9658
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- J.H. van Kreveld
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Beoordeling kilometervergoeding en gelijkheidsbeginsel bij reiskostenvergoeding politie
Appellant, werkzaam bij de politieregio, verzocht na verhuizing om een maandelijkse tegemoetkoming in reiskosten voor woon-werkverkeer. Het geschil betrof de hoogte van de toegekende kilometervergoeding en de wijze van berekening daarvan. De Korpsbeheerder had de vergoeding vastgesteld op basis van een aantal dagen dat appellant volgens het dienstrooster niet met openbaar vervoer kon reizen, met een korting voor de ov-dagvergoeding.
Appellant stelde dat de vergoeding op een te laag aantal dagen was gebaseerd, dat ten onrechte de ov-dagvergoeding in mindering was gebracht en dat hiermee het gelijkheidsbeginsel werd geschonden. De Raad overwoog dat het bestuursorgaan bevoegd was beleidsregels te hanteren, waaronder de afstand van drie kilometer tot de dichtstbijzijnde ov-halte als criterium voor onbereikbaarheid. Appellant bracht geen bewijs dat hij vaker onbereikbaar was dan het dienstrooster aangaf.
De Raad achtte de korting op de ov-vergoeding terecht omdat dubbele vergoeding over dezelfde dag niet is toegestaan. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de vergelijkbare situatie van een collega betrekking had op een andere periode en andere vergoedingsgrondslag. De Raad bevestigde het bestreden besluit en wees het beroep af.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen de kilometervergoeding wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd.