ECLI:NL:CRVB:2002:AE1894
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Hoofdelijke aansprakelijkheid voor niet-betaalde premies bij uitbestede schoonmaakwerkzaamheden binnen normale bedrijfsuitoefening
In deze zaak staat de vraag centraal of gedaagde, exploitant van een fastfoodrestaurant, hoofdelijk aansprakelijk is voor niet-betaalde premies van het schoonmaakbedrijf dat werkzaamheden uitvoerde tijdens sluitingstijden. Appellant stelde gedaagde aan als eigenbouwer op grond van artikel 16b van de Coördinatiewet Sociale Verzekering (CSV).
De rechtbank had geoordeeld dat de schoonmaakwerkzaamheden niet tot de normale bedrijfsuitoefening behoorden en vernietigde het besluit tot aansprakelijkstelling. De Centrale Raad van Beroep herzag dit oordeel en stelde dat de schoonmaakwerkzaamheden, mede vanwege de intensieve aard, het gebruik van specifieke schoonmaakmiddelen en het hygiëneplan, structureel en stelselmatig deel uitmaken van de normale bedrijfsuitoefening.
De Raad benadrukte dat bij werkzaamheden die niet rechtstreeks voor de markt worden verricht, zoals onderhoud van eigen bedrijfsmiddelen, het accent ligt op de feitelijke bedrijfsvoering en integratie van de werkzaamheden. De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond, waarmee de aansprakelijkstelling van gedaagde stand houdt.
Daarnaast oordeelde de Raad dat geen aanwijzingen bestonden dat verhaal bij de primair premieplichtige niet mogelijk was en verwierp het verweer van gedaagde dat de nota's niet correct waren geadresseerd of dat hem geen verwijt kon worden gemaakt.
Uitkomst: Het beroep van gedaagde wordt ongegrond verklaard en de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de niet-betaalde premies blijft gehandhaafd.