ECLI:NL:CRVB:2002:AE1900
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- T.L. de Vries
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering kinderbijslag voor in Irak verblijvende kinderen wegens schending zorgvuldigheidsbeginsel
Appellant, een vluchteling uit Irak met in Irak verblijvende kinderen, verzocht om kinderbijslag. De Sociale Verzekeringsbank weigerde deze omdat de kinderen niet tot zijn huishouden zouden behoren en hij onvoldoende bewijs had geleverd van onderhoud.
De rechtbank verklaarde het beroep deels gegrond, maar handhaafde het bestreden besluit. De Raad bevestigt dat de kinderen niet tot het huishouden van appellant behoren, gelet op de langdurige gezinsbreuk zonder gezinshereniging.
De Raad oordeelt echter dat de aangescherpte voorwaarden voor bewijs van onderhoud, die per 1 april 1997 golden, niet tijdig en behoorlijk aan appellant zijn medegedeeld. Hierdoor is het zorgvuldigheidsbeginsel geschonden en dient het besluit te worden vernietigd.
Gedaagde wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens worden de proceskosten en griffierechten aan appellant toegewezen.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van kinderbijslag wordt vernietigd wegens schending van het zorgvuldigheidsbeginsel en gedaagde dient een nieuw besluit te nemen.