ECLI:NL:CRVB:2002:AE4102
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- C.W.J. Schoor
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering kinderbijslag voor in Marokko verblijvende kinderen
Appellant vroeg kinderbijslag aan voor zeven kinderen die in Marokko verbleven, maar de Sociale Verzekeringsbank weigerde dit over de periode van het vierde kwartaal 1994 tot en met het eerste kwartaal 1998. De weigering was gebaseerd op het ontbreken van recente attestaties da vita, onvolledige schoolverklaringen en onvoldoende bewijs van onderhoudsbijdragen.
In bezwaar werd een deel van het bezwaar gegrond verklaard, waarbij kinderbijslag werd toegekend voor bepaalde kwartalen en kinderen, maar voor andere kwartalen en kinderen bleef de weigering gehandhaafd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de Sociale Verzekeringsbank ten onrechte geen onderhoudsbijdragen had erkend over het vierde kwartaal van 1996 vanwege bijzondere omstandigheden rondom de verzorgster. Tevens werd geoordeeld dat de verdeling van onderhoudsbijdragen over zeven kinderen tot het eerste kwartaal van 1996 en over zes kinderen daarna correct was, gezien het vervallen recht van het oudste kind vanaf dat moment.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en bepaalde dat de Sociale Verzekeringsbank een nieuwe beslissing op bezwaar moet nemen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens werd de Sociale Verzekeringsbank veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuwe beslissing met inachtneming van de juiste beoordeling van onderhoudsbijdragen.