ECLI:NL:CRVB:2002:AE5626
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verhuiskostenvergoeding op grond van onjuiste maatstaf Wet voorzieningen gehandicapten
Appellant, vader van twee gehandicapte zoons, vroeg de gemeente Huizen om een tegemoetkoming in verhuiskosten voor de verhuizing naar een nieuwe aangepaste woning. De gemeente wees dit af omdat volgens haar geen sprake was van ergonomische belemmeringen in de oude woning. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. De Centrale Raad van Beroep stelt vast dat de gemeente een onjuiste maatstaf hanteerde door de eis van ergonomische beperkingen te stellen, wat volgens vaste jurisprudentie niet is toegestaan.
De Raad overweegt dat appellant heeft aangevoerd dat de rolstoelen van zijn zoons groter en zwaarder zijn geworden, waardoor de oude woning onvoldoende ruimte bood. Ook is niet onderzocht of daadwerkelijk belemmeringen bestonden. Daarnaast is een vermeende toezegging van een ambtenaar dat verhuiskosten vergoed zouden worden niet ondubbelzinnig vastgesteld en was deze niet gedragsbepalend.
Hoewel de Raad het besluit vernietigt, laat hij de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat er geen medische noodzaak voor verhuizing bestond en geen strijd met het vertrouwensbeginsel is aangetoond. De gemeente wordt veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van de gemeente om de verhuiskostenvergoeding af te wijzen wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.