ECLI:NL:CRVB:2002:AF0759
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- Th.G.M. Simons
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging maatregel verlaging bijstandsuitkering wegens onvoldoende sollicitatie-inspanningen
Appellante, een vormgeefster/ontwerpster, ontving een uitkering op grond van de Algemene bijstandswet (Abw). Zij kreeg twee maatregelen opgelegd waarbij haar uitkering werd verlaagd vanwege onvoldoende inspanningen om arbeid in dienstbetrekking te verkrijgen buiten haar vakgebied.
De rechtbank had de maatregelen gedeeltelijk vernietigd en de gemeente opgedragen opnieuw te beslissen, waarbij een lagere maatregel werd vastgesteld. Appellante stelde in hoger beroep dat zij geen verwijt treft omdat zij bekend had gemaakt als kunstenares met behoud van uitkering te willen blijven werken en verwees naar een circulaire van de minister die terughoudendheid adviseerde bij het opleggen van maatregelen aan kunstenaars.
De Raad oordeelde dat appellante zich inderdaad onvoldoende had ingespannen buiten haar vakgebied en dat verwijtbaarheid aanwezig was. De circulaire van de minister kon de verplichting van de gemeente om een maatregel op te leggen niet wegnemen. De hoogte van de maatregel was redelijk en het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
De Raad bevestigde het besluit van 17 november 1999 en wees het beroep af. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de verlaging van de bijstandsuitkering wordt bevestigd.