ECLI:NL:CRVB:2002:AF2357
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit herberekening nabestaandenuitkering en inhouding ziekenfondspremie
Appellante betwistte de herberekening van haar nabestaandenuitkering ingevolge de Algemene nabestaandenwet (Anw) en maakte bezwaar tegen de inhouding van ziekenfondspremie en de beslagleggingen op haar uitkering. De rechtbank had het bezwaar deels gegrond verklaard en de zaak terugverwezen voor een nieuwe beslissing over de ziekenfondspremie.
In hoger beroep bevestigde de Sociale Verzekeringsbank het standpunt dat appellante verplicht verzekerd was volgens de Ziekenfondswet en dat het juiste premiepercentage was ingehouden. De Raad stelde vast dat de herberekening van de uitkering gebaseerd was op oude vaststellingen van verzekerde tijdvakken in België en Duitsland, terwijl appellante deze betwistte en nieuwe gegevens had aangedragen.
De Raad oordeelde dat gedaagde onvoldoende onderzoek had gedaan naar de juistheid van deze tijdvakken, waardoor het besluit niet zorgvuldig was voorbereid en vernietigd moest worden. Het beroep tegen het tweede besluit werd ongegrond verklaard. Gedaagde werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Besluit 1 wordt vernietigd en gedaagde moet een nieuwe beslissing nemen; beroep tegen besluit 2 wordt ongegrond verklaard.