ECLI:NL:CRVB:2002:AF5489
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Beoordeling uitsluiting van verplichte ziekenfondsverzekering op grond van Ziekenfondswet en IZA-regeling
Appellant, voormalig ambtenaar en deelnemer aan de IZA-regeling, werd per 1 januari 2000 verplicht verzekerd voor de Ziekenfondswet (ZFW) verklaard. Hij voerde aan dat hij op grond van zijn lijfrente-uitkering en deelname aan de IZA-regeling uitgezonderd zou moeten zijn van deze verplichting. De rechtbank verklaarde zijn beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel in hoger beroep.
De Raad overwoog dat de WW-uitkering van appellant niet werd berekend naar het maximumdagloon, een vereiste voor uitsluiting van de verplichte ziekenfondsverzekering. Daarnaast ontving appellant geen WAO-uitkering en kon hij niet als ambtenaar worden aangemerkt op grond van de Regeling en het Besluit beperking kring verzekerden ZFW. Ook het beroep op wachtgeld faalde omdat appellant geen wachtgeld ontving of aanspraak daarop had.
Verder stelde de Raad vast dat deelname aan de IZA-regeling niet verplicht was en dat appellant niet voldeed aan de voorwaarden voor uitsluiting van de verzekeringsplicht. De Raad concludeerde dat appellant niet voldeed aan de wettelijke criteria voor uitzondering van de verplichte ziekenfondsverzekering en bevestigde het bestreden besluit.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het besluit tot verplichte verzekering ingevolge de ZFW bevestigd.