ECLI:NL:CRVB:2002:AF7763
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R.H.M. Roelofs
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijzondere bijstand voor crematiekosten ex-echtgenoot
Appellante heeft bijzondere bijstand gevraagd voor de crematiekosten van haar overleden ex-echtgenoot, welke aanvraag door het College van burgemeester en wethouders van Rosmalen werd afgewezen. De afwijzing berustte op het feit dat appellante geen erfgenaam is en de kosten daarom niet tot haar noodzakelijke bestaanskosten kunnen worden gerekend. Ook de aanvraag namens haar minderjarige dochter werd afgewezen, omdat zij de nalatenschap beneficiair heeft aanvaard en niet verder aansprakelijk kan worden gesteld dan de waarde van de nalatenschap.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde. Zij voerde aan dat haar dochter wel aansprakelijk gesteld kan worden en dat er sprake is van rechtsongelijkheid met een andere gemeente die wel bijstand verleende. Tevens stelde zij dat artikel 11 van Pro de Algemene bijstandswet (Abw) van toepassing zou moeten zijn vanwege zeer dringende redenen.
De Raad overwoog dat het beleid van gedaagde niet in strijd is met de Abw en dat de kosten van crematie voor rekening van de erfgenamen komen indien de overledene geen algemene bijstand ontving. Omdat appellante geen erfgenaam is en er geen acute noodsituatie was, is bijzondere bijstand niet geboden. Ook voor de minderjarige dochter is geen bijzondere bijstand mogelijk vanwege de beneficiaire aanvaarding. De verschillen in beleid met andere gemeenten zijn niet relevant voor de beoordeling.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van bijzondere bijstand voor crematiekosten omdat appellante geen erfgenaam is en er geen zeer dringende redenen zijn.