ECLI:NL:CRVB:2003:AF4644
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering kinderbijslag wegens inkomensgrens niet voldaan
Appellante maakte bezwaar tegen de terugvordering van onverschuldigd betaalde tweevoudige kinderbijslag over het derde kwartaal 1996 tot en met het derde kwartaal 1997 en tegen een boete. De rechtbank stelde de boete deels terug, maar verklaarde het beroep verder ongegrond. In hoger beroep betwistte appellante de inkomensberekening van haar dochter, die werkzaam was als maaltijdassistent en kinderleidster.
De Raad oordeelde dat de inkomsten uit vakantiewerk als kinderleidster niet buiten beschouwing konden blijven, omdat deze arbeid ook buiten de zomervakantie werd verricht. Wel werd geoordeeld dat het inkomen uit overwerk aan het kwartaal van uitbetaling moest worden toegerekend, waardoor het inkomen over het vierde kwartaal 1996 lager uitviel dan de grens voor tweevoudige kinderbijslag.
Hierdoor had appellante voor dat kwartaal recht op tweevoudige kinderbijslag. Voor de overige kwartalen werd bevestigd dat de onderhoudseis niet was voldaan en de herziening en terugvordering terecht waren. De Raad vernietigde het bestreden besluit voor het vierde kwartaal 1996 en bepaalde dat een nieuw besluit moet worden genomen. Tevens werd een vergoeding van €77,14 toegekend.
Uitkomst: Besluit herziening kinderbijslag over vierde kwartaal 1996 wordt vernietigd en nieuwe beslissing wordt verlangd, overige besluiten worden bevestigd.