ECLI:NL:CRVB:2003:AF5501
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep bevestigt terugvordering te veel betaalde AOW-toeslag ondanks motiveringsgebrek
De zaak betreft een geschil over de terugvordering van een te veel betaalde toeslag op het AOW-pensioen van gedaagde over de maanden juni 1998 en januari 1999. Appellant, de Sociale verzekeringsbank, had deze toeslag herzien en het te veel betaalde bedrag van fl. 286,52 teruggevorderd via verrekening met het pensioen.
De rechtbank Rotterdam had het bezwaar van gedaagde gegrond verklaard en het besluit vernietigd wegens strijd met het motiveringsbeginsel, omdat appellant niet had gemotiveerd waarom hij niet had afgezien van terugvordering op grond van de Regeling terugvordering geringe bedragen. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank ten onrechte tot vernietiging is gekomen, omdat de rechtbank appellant geen gelegenheid had gegeven om nadere motivering te geven en gedaagde zich niet expliciet op deze regeling had beroepen.
De Raad stelt dat het beleid van appellant om terugvordering niet achterwege te laten indien verrekening mogelijk is met een periodieke uitkering, niet onrechtmatig is. De verrekening van het te veel betaalde bedrag is rechtmatig en het bestreden besluit blijft in stand. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd, het hoger beroep van appellant wordt gegrond verklaard en het inleidend beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep gegrond en bevestigt de rechtmatigheid van de terugvordering van te veel betaalde AOW-toeslag.