ECLI:NL:CRVB:2003:AF8425
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over status oorlogsvrijwilliger en bevoegdheid rechtbank
Appellant, geboren in 1927, ontving over meerdere jaren een tegemoetkoming op grond van de Zvo- en Zvd-regeling. In 1999 werd zijn aanvraag afgewezen omdat hij niet als gewezen militair ambtenaar werd aangemerkt, maar als oorlogsvrijwilliger, en vanwege het hebben van neveninkomsten niet voldeed aan de regeling.
De rechtbank 's-Hertogenbosch verklaarde het beroep ongegrond. De Centrale Raad van Beroep stelde ambtshalve vast dat de rechtbank niet bevoegd was omdat de zaak betrekking had op een gewezen oorlogsvrijwilliger, waarvoor de rechtbank 's-Gravenhage bevoegd is. De Raad verklaarde de onbevoegdheid gedekt en beschouwde de uitspraak als bevoegdelijk gedaan.
Inhoudelijk oordeelde de Raad dat appellant terecht niet als gewezen militair ambtenaar werd aangemerkt, omdat geen bewijs is van een aanstelling of verbintenis als zodanig. De stukken tonen een verbintenis als oorlogsvrijwilliger, die volgens het Oorlogsvrijwilligersbesluit gelijkgesteld wordt met een dienstplichtige, maar niet onder de Militaire ambtenarenwet valt.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het beroep af. Er was geen reden om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak en verklaart de rechtbank onbevoegd, waardoor het beroep van appellant wordt afgewezen.