ECLI:NL:CRVB:2003:AH2885
Centrale Raad van Beroep
- Eerste en enige aanleg
- W.D.M. van Diepenbeek
- G.J.H. Doornewaard
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot verhoging invaliditeitspercentage Wet buitengewoon pensioen 1940-1945 afgewezen wegens ontbreken geneeskundig onderzoek
De erven van de betrokkene hebben beroep ingesteld tegen het besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad waarin het verzoek tot verhoging van het invaliditeitspercentage op grond van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945 werd afgewezen. De betrokkene was overleden in 2000, en het verzoek tot verhoging betrof vermeerderde psychische klachten gerelateerd aan het verzet.
De Raad oordeelt dat de verweerster bij de beslissing geen geneeskundig onderzoek als bedoeld in artikel 13 van Pro de Wet heeft laten uitvoeren, wat een vereiste is voor het wijzigen van het invaliditeitspercentage. Dit is in strijd met het wettelijke voorschrift en leidt tot vernietiging van het bestreden besluit. Tegelijkertijd bepaalt de Raad dat de rechtsgevolgen van het besluit van 15 december 2000 in stand blijven, mede omdat het verzoek niet verder onderbouwd was dan de stelling van toegenomen klachten.
De Raad bevestigt dat op basis van beschikbare medische gegevens en adviezen van geneeskundig adviseurs geen sprake is van verergering van de verzetsgerelateerde invaliditeit. De verweerster wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de eisers. De uitspraak is gegeven door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 24 april 2003.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het besluit van 15 december 2000 blijven in stand.