ECLI:NL:CRVB:2003:AH8918
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W.D.M. van Diepenbeek
- G.L.M.J. Stevens
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid bezwaar tegen medische beoordeling buitengewoon pensioen
Eiser heeft in oktober 1999 een aanvraag ingediend voor een buitengewoon pensioen op grond van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945. Verweerster heeft een beschikking gegeven waarin onder meer werd geoordeeld dat eiser niet aan buitengewoon zware en langdurige spanningen heeft blootgestaan, een element dat van belang is voor de medische beoordeling.
Eiser maakte bezwaar tegen dit onderdeel van de beschikking, omdat hij het niet eens was met de conclusie dat hij niet aan dergelijke spanningen was blootgesteld. De Raad stelde zich de vraag of deze beschikking een zelfstandig voor bezwaar vatbaar besluit was in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De Raad oordeelde dat het oordeel van verweerster slechts een eerste stap is in de medische besluitvorming en niet op zichzelf gericht is op rechtsgevolg. Daarom is het bezwaar niet-ontvankelijk. Het bestreden besluit wordt vernietigd en het bezwaar van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard. Verweerster wordt verplicht het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden.
Uitkomst: Het bezwaar van eiser tegen het voorlopige medische oordeel is niet-ontvankelijk verklaard.