ECLI:NL:CRVB:2003:AI1523
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- A. Beuker-Tilstra
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Vernietiging strafontslag wegens onvoldoende bewijs verduistering kostbare ringen
Appellante was werkzaam als aankomend taxateur bij een gemeentelijke afdeling en werd verdacht van verduistering van kostbare solitair ringen in de periode medio 1997 tot december 1999. Na intern onderzoek en aangifte bij de politie werd zij geschorst en uiteindelijk strafontslag verleend wegens plichtsverzuim.
Het strafontslag was gebaseerd op een statistisch onderzoek dat een relatie legde tussen de aanwezigheid van appellante en de vermissingen, naast andere feiten zoals haar nevenactiviteit in de handel in kostbaarheden. Appellante voerde aan dat zij de verduisteringen niet had gepleegd en dat het bewijs onvoldoende was, met name kritiek op het statistisch onderzoek.
De Raad oordeelde dat het bewijs onvoldoende was. Het statistisch onderzoek was gebaseerd op de ééndadertheorie, die niet overtuigend was gelet op de werkwijze binnen de afdeling en de toegang van meerdere medewerkers tot de kostbaarheden. Andere feiten waren onvoldoende om het strafontslag te rechtvaardigen. De Raad vernietigde het strafontslag en veroordeelde de gemeente tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: Het strafontslag van appellante wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs voor verduistering.