ECLI:NL:CRVB:2003:AL7491
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- A. Beuker-Tilstra
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek bevordering en vaste toelage ambtenaar gemeente Amsterdam
Appellant, werkzaam bij de gemeente Amsterdam sinds 1980, verzocht om bevordering naar salarisgroep 11A of een vaste toelage ter grootte van het verschil tussen salarisgroepen 11 en 11A met ingang van 1 april 1997. Dit verzoek werd door het College van burgemeester en wethouders afgewezen en deze afwijzing werd door de rechtbank bevestigd.
In hoger beroep stelde appellant dat hij vanwege zijn leidinggevende taken, hogere productie en rol als vraagbaak binnen zijn afdeling recht had op een hogere bezoldiging dan zijn collega's die in de nieuwe organisatie in salarisgroep 11 waren geplaatst. Het College betoogde dat bevordering alleen mogelijk is bij plaatsing in een hoger gewaardeerde functie waarvoor appellant niet voldeed en dat geen grond bestond voor een gratificatie of waarnemingstoelage.
De Raad overwoog dat het plaatsingsbesluit in salarisgroep 11 per 1 april 1997 rechtsgeldig is en dat het bezoldigingssysteem van de gemeente geen uitlooprangen kent. Het verschil in bezoldiging vóór de reorganisatie geeft geen recht op een hogere inschaling in de nieuwe organisatie. Ook ontbrak een schriftelijke opdracht voor waarneming en was er geen vacante leidinggevende functie. Kritiek op andere onderdelen van het functioneren van appellant maakte het toekennen van een toelage niet gerechtvaardigd.
De Raad concludeerde dat het bestreden besluit rechtmatig is en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. De uitspraak werd in het openbaar gegeven op 25 september 2003.
Uitkomst: Het verzoek tot bevordering naar salarisgroep 11A of toekenning van een vaste toelage wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.