ECLI:NL:CRVB:2003:AM0213
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek ambtenaar tot toepassing overgangsregeling reiskosten na herstructurering
Appellant was werkzaam als paardenverzorger/chauffeur bij de Rijkspolitie en werd in 1991 herplaatst van een opgeheven locatie naar een andere locatie, waarbij hij een forensenvergoeding ontving. In 1996 werd een nieuwe locatie operationeel en zijn voormalige collega's die daarheen waren overgeplaatst, kregen een gunstige overgangsregeling voor reiskosten.
Appellant vroeg om ook voor hem deze regeling toe te passen vanaf zijn overplaatsing in 1991, omdat hij in 1996 feitelijk ook op de nieuwe locatie ging werken vanwege medische redenen. Dit verzoek werd afgewezen en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellant formeel niet onder de regeling valt omdat zijn overplaatsing in 1991 plaatsvond en losstaat van de herstructurering die leidde tot de overgangsregeling in 1996. De Raad benadrukt dat de situatie van appellant niet vergelijkbaar is met die van zijn collega's en bevestigt het bestreden besluit.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het besluit tot weigering van toepassing van de overgangsregeling reiskosten op appellant bevestigd.