ECLI:NL:CRVB:2003:AN9346
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van niet-verlenging tijdelijk dienstverband na voortijdige beëindiging detachering
Appellante was sinds 5 juli 1999 tijdelijk aangesteld bij de gemeente Lelystad en werd in 2000 gedetacheerd bij de gemeente Zwolle. Na ziekte en een periode van arbeidsongeschiktheid werd haar dienstverband verlengd tot 1 oktober 2000 vanwege de detachering. De detachering werd voortijdig beëindigd vanwege samenwerkingsproblemen.
De gemeente besloot het tijdelijke dienstverband niet te verlengen na 1 oktober 2000. Appellante maakte bezwaar tegen deze beslissing, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante eveneens ongegrond.
In hoger beroep stelde appellante dat er sprake was van gewekte verwachtingen op voortzetting van het dienstverband en dat zij onheus was bejegend, wat haar reïntegratie belemmerde. De Raad oordeelde dat er geen verplichting tot voortzetting bestond en dat er geen gerechtvaardigde verwachtingen waren gewekt. Ook vond de Raad geen bewijs voor onzorgvuldige werkwijze die verlenging rechtvaardigde.
Daarom werd het bestreden besluit bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard. De Raad zag geen aanleiding voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot niet-verlenging van het tijdelijke dienstverband wordt bevestigd.