ECLI:NL:CRVB:2003:AO1683
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete en terugvordering wegens schending mededelingsplicht arbeidsongeschiktheidsuitkering
Appellant ontving een arbeidsongeschiktheidsuitkering die werd aangepast na indiensttreding bij een nieuwe werkgever. Gedaagde (UWV) legde een boete op wegens het niet tijdig melden van deze wijziging, en vorderde onverschuldigde uitkeringen terug.
Appellant voerde aan dat hij de nieuwe baan tijdig had gemeld en dat de boete onredelijk was, mede omdat hij contact had gezocht met gedaagde en een ingevuld inlichtingenformulier had geretourneerd. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en oordeelde dat appellant de mededelingsplicht had geschonden.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep het oordeel van de rechtbank. De Raad vond dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij de wijzigingen eerder dan via het inlichtingenformulier had gemeld en dat geen sprake was van herstel uit eigen beweging. De boete werd wel verminderd vanwege het niet direct schorsen door gedaagde na ontvangst van het formulier.
Uitkomst: De boete en terugvordering wegens het niet tijdig melden van wijzigingen in arbeidsomstandigheden worden bevestigd, met een vermindering van de boete tot f 125,-.