ECLI:NL:CRVB:2003:AO1688
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- K. Zeilemaker
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Verhoogd éloignement voor defensiepersoneel na invoering Voorzieningenstelsel buitenland
Appellant, een militair van de Koninklijke Luchtmacht, werd in juni 1996 geplaatst bij Headquarters AIRCENT te Ramstein en woonde vanaf juli 1996 met zijn gezin in Zweibrücken. Hij verzocht om een toelage, het verhoogd éloignement, welke door de Staatssecretaris van Defensie werd geweigerd.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt anders. Tot eind 1995 was verhoogd éloignement geregeld in de Beschikking inkomsten buitenland militairen (BIB), waarbij een bijlage een beleidsmatige opsomming van plaatsen bevatte. Vanaf 1 januari 1996 geldt het Voorzieningenstelsel buitenland defensiepersoneel (VBD), waarin een tabel met plaatsen is opgenomen die een algemeen verbindend voorschrift is.
De Raad stelt vast dat het VBD de regeling van verhoogd éloignement vervangt en dat de tabel 1 bij het VBD, waarin ook Ramstein/Birkenfeld AAFCE is opgenomen, onderdeel is van het voorschrift. Hoewel de aanduiding AAFCE is gewijzigd in AIRCENT, betreft dit hetzelfde onderdeel. Appellant woonde in een woongebied bestemd voor in Ramstein geplaatste militairen, zodat hij recht heeft op het verhoogd éloignement. Het bestreden besluit is daarom in strijd met artikel 7, vierde lid, van het VBD en wordt vernietigd. De Raad gelast een nieuw besluit en vergoedt het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van verhoogd éloignement wordt vernietigd en het beroep gegrond verklaard.