ECLI:NL:CRVB:2003:AS5814
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- G.A.J. van den Hurk
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Onzekerheid aanvang bezwaartermijn bij niet-aangetekende verzending besluit bijzondere bijstand
Appellant maakte bezwaar tegen de hoogte van de toegekende bijzondere bijstand door het College van burgemeester en wethouders van Roosendaal. De rechtbank verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaartermijn, omdat het besluit naar haar oordeel op 21 december 2000 was verzonden.
In hoger beroep stelde appellant dat het besluit pas tussen 5 en 10 januari 2001 was ontvangen, waardoor de bezwaartermijn later zou zijn aangevangen. De Raad overwoog dat bij niet-aangetekende verzending het risico van het niet kunnen aantonen van de verzenddatum voor rekening van de verzender komt. Gedaagde kon echter niet met zekerheid aantonen dat het besluit daadwerkelijk op 21 december 2000 was verzonden.
De Raad concludeerde dat de onzekerheid over de aanvang van de bezwaartermijn niet ten nadele van appellant mocht uitwerken en vernietigde de uitspraak van de rechtbank. De zaak werd terugverwezen voor verdere behandeling, waarbij ook de proceskosten ter beoordeling aan de rechtbank worden overgelaten.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen vanwege onzekerheid over de verzenddatum van het besluit.