ECLI:NL:CRVB:2003:BD9614
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht en verwijzing beroep naar rechtbank
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Hertogenbosch inzake een besluit over de WAO. De Centrale Raad van Beroep heeft vastgesteld dat appellant het griffierecht van € 82,- niet binnen de gestelde termijn heeft voldaan, ondanks herhaalde aanmaningen. Hierdoor wordt het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard zonder inhoudelijke behandeling.
Daarnaast overweegt de Raad dat het beroep, voor zover gericht tegen een besluit van 10 januari 2003, een besluit in de zin van artikel 6:18 Awb Pro betreft. Om redenen van rechtsbescherming verwijst de Raad dit deel van het beroep naar de rechtbank ’s-Hertogenbosch volgens artikel 6:19 lid 2 Awb Pro. De Raad ziet geen aanleiding voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
De uitspraak is gedaan door mr. M.M. van der Kade, in aanwezigheid van griffier S. Sweep, en uitgesproken op 18 juli 2003. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht en het beroep wordt deels verwezen naar de rechtbank.