ECLI:NL:CRVB:2004:AO7549
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R.M. van Male
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenplicht en verkeerde woonplaats
Appellant ontving bijstand van de gemeente Amsterdam, maar de gemeente stelde vast dat hij in de betreffende periode niet op het opgegeven adres woonde, maar samenwoonde met zijn partner op een ander adres. Dit werd bevestigd door een buurtonderzoek en getuigenverklaringen. Appellant had nagelaten deze wijziging van woonplaats te melden, wat een schending van zijn inlichtingenplicht vormt.
De gemeente beëindigde de uitkering en vorderde de ten onrechte ontvangen bijstand terug. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad oordeelde dat appellant geen recht had op bijstand in de periode in geschil, omdat hij niet in de gemeente Amsterdam verbleef zoals vereist.
De Raad stelde vast dat de terugvordering terecht was en dat er geen dringende redenen waren om hiervan af te zien. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Hiermee werd de bevoegdheid van de gemeente om bijstand in te trekken en terug te vorderen bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van bijstand bevestigd.