ECLI:NL:CRVB:2004:AO7768
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- T. Hoogenboom
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende gemotiveerde beslissing over eerste arbeidsongeschiktheidsdag in ziekte-uitkeringszaak onderwijs
Appellant, werkzaam in het onderwijs, diende een aanvraag in voor een ziekte-uitkering. De Minister van Onderwijs kende een uitkering toe met ingang van 1 augustus 1999, maar verklaarde het deel van de uitkering vervallen wegens te late aanvraag. Appellant maakte bezwaar tegen deze beslissing en de vaststelling van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Raad oordeelde dat de rechtbank het beroep te beperkt had opgevat en het besluit onvoldoende zorgvuldig was voorbereid en ondeugdelijk was gemotiveerd, met name wat betreft de eerste arbeidsongeschiktheidsdag. De Raad stelde dat de beslissing zonder medisch onderzoek was genomen, terwijl appellant psychische problemen had gemeld.
De Raad vernietigde het besluit over de eerste arbeidsongeschiktheidsdag en bepaalde dat de Minister een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de overwegingen. Het hoger beroep tegen het latere besluit werd niet-ontvankelijk verklaard. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: Besluit over eerste arbeidsongeschiktheidsdag vernietigd wegens ondeugdelijke motivering; Minister moet opnieuw besluiten.