ECLI:NL:CRVB:2004:AO9274
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens plichtsverzuim en weigering wachtgeld ambtenaar Belastingdienst
Appellant, werkzaam als groepsfunctionaris bij de Belastingdienst, werd geschorst en vervolgens ontslagen wegens plichtsverzuim nadat hij vertrouwelijke gegevens van belastingplichtigen had verstrekt aan een collega die deze gebruikte voor zijn nevenbetrekking bij een incassobureau. Appellant erkende de gedragingen maar stelde dat het om een vriendendienst ging en dat er geen sprake was van schending van geheimhoudingsplicht.
De Raad oordeelde dat appellant zich schuldig had gemaakt aan plichtsverzuim omdat hij bewust heeft meegewerkt aan het gebruik van interne gegevens voor andere doeleinden dan de Belastingdienst, ondanks zijn jarenlange ervaring en kennis van de regelgeving. De opgelegde straf van onvoorwaardelijk ontslag werd als proportioneel beoordeeld gezien de ernst van de schending van het vertrouwen.
Daarnaast werd het besluit tot schorsing en inhouding van een deel van de bezoldiging als redelijk en rechtmatig bevestigd. De aanvraag van appellant voor wachtgeld en een uitkering werd afgewezen omdat het ontslag het gevolg was van eigen schuld en toedoen. De Raad zag geen aanleiding tot verdere aanhouding van de zaak in afwachting van het strafrechtelijk hoger beroep.
Uitkomst: Het ontslag wegens plichtsverzuim wordt bevestigd en de aanvraag voor wachtgeld wordt afgewezen.