ECLI:NL:CRVB:2004:AP0587
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering BWOO-uitkering wegens onvoldoende inspanning opleiding met baangarantie
Appellant ontving vanaf september 1997 een BWOO-uitkering en volgde vanaf januari 1999 met toestemming een opleiding PC Beheer met baangarantie. Na afronding van het theoretisch deel ontstonden problemen bij het vinden van een stageplaats. Ondanks afspraken en ondersteuning werd het contract met appellant in januari 2000 verbroken vanwege niet-naleving van afspraken.
Gedaagde weigerde vanaf augustus 2000 de uitkering blijvend omdat appellant zich onvoldoende zou hebben ingespannen om de opleiding succesvol te doorlopen. De rechtbank oordeelde dat appellant onvoldoende inspanning had geleverd, maar dat de maatregel van blijvende weigering niet redelijk was. Gedaagde legde daarop een maatregel van 30% korting op.
De Raad concludeert dat gedaagde onvoldoende zorgvuldig onderzoek heeft gedaan, omdat zij zich alleen baseerde op eenzijdige gegevens die appellant gemotiveerd betwistte. Er was geen duidelijkheid over de gestelde eisen aan stageplaatsen en afspraken waren niet schriftelijk bevestigd. Daarom vernietigt de Raad het besluit en beveelt hernieuwde besluitvorming met inachtneming van de overwegingen van de Raad. Tevens veroordeelt de Raad gedaagde in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit tot blijvende weigering van BWOO-uitkering wordt vernietigd en gedaagde wordt opgedragen opnieuw te beslissen.