ECLI:NL:CRVB:2004:AP1992
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijzondere bijstand voor woninginrichtingskosten
Appellant vroeg bijzondere bijstand aan voor de inrichtingskosten van zijn nieuwe woning na verhuizing in verband met een echtscheiding. Het College van burgemeester en wethouders van Nijmegen wees deze aanvraag af omdat de kosten niet voortvloeiden uit bijzondere omstandigheden zoals bedoeld in artikel 39, eerste lid, van de Algemene bijstandswet (Abw).
Appellant stelde beroep in bij de rechtbank Arnhem, die het beroep ongegrond verklaarde. In hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep werd het standpunt van de gemeente onderschreven. De Raad oordeelde dat woninginrichtingskosten incidentele algemene kosten zijn die men geacht wordt te voldoen uit het inkomen op bijstandsniveau of door het afsluiten van een lening.
Verder bleek dat appellant de richtprijzen voor huisraad en woninginrichting aanzienlijk had overschreden door gebruik van een 'Comfort Card', een lening met minder gunstige voorwaarden dan de gemeentelijke kredietbank, waarvan hij geen gebruik wilde maken. De Raad concludeerde dat geen sprake was van noodzakelijke kosten voortvloeiend uit bijzondere omstandigheden en bevestigde daarom de eerdere uitspraak.
De Raad zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag voor bijzondere bijstand voor woninginrichtingskosten wordt bevestigd.