ECLI:NL:CRVB:2004:AP3701
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens overschrijding termijn ongegrond verklaard
Opposante stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank, maar diende de gronden van het hoger beroep niet tijdig in bij de Raad van Beroep. Ondanks een schriftelijke aanmaning en een gestelde termijn van twee weken om de beroepsgronden alsnog in te dienen, werden deze pas na het verstrijken van die termijn ontvangen.
Opposante voerde in verzet aan dat de gemachtigde tijdens de beroepsperiode in het buitenland verbleef en dat zij tijdig om uitstel had gevraagd via een faxbericht. Dit faxbericht werd echter pas later als bijlage ingediend, en er was geen bewijs dat het daadwerkelijk op de genoemde datum was verzonden.
De Raad oordeelde dat er geen reden was om het verzuim niet aan opposante toe te rekenen en dat er geen gronden waren om toepassing te geven aan de wettelijke bepalingen die herstel van termijnoverschrijding mogelijk maken. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard en bleef de eerdere niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep in stand.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere beslissing blijft in stand.