ECLI:NL:CRVB:2004:AQ1838
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.M. van Male
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Beëindiging bijstandsuitkering wegens niet-gemelde stage als onderwijsactiviteit
Gedaagde ontving vanaf 1 oktober 1998 een bijstandsuitkering als alleenstaande. De gemeente beëindigde de uitkering met ingang van 1 juni 2000 nadat bleek dat gedaagde vanaf 1 maart 2000 een stage liep in het kader van zijn studie Psychologie, zonder dit te melden. De gemeente herzag de uitkering en vorderde onterecht ontvangen bijstand terug, met een boete wegens schending van de inlichtingenplicht.
De rechtbank vernietigde dit besluit omdat gedaagde niet als student stond ingeschreven en onvoldoende bewijs was dat hij daadwerkelijk een stage liep. In hoger beroep stelde de Raad vast dat de stage verplicht was voor de opleiding, dat gedaagde professioneel werd begeleid, en dat hij minimaal 19 uur per week aan de stage besteedde. De Raad oordeelde dat gedaagde onderwijs volgde in de zin van de Algemene bijstandswet en daardoor geen recht had op bijstand.
Verder concludeerde de Raad dat gedaagde zijn inlichtingenplicht had geschonden door de stage niet te melden, waardoor de gemeente terecht de bijstand introk en terugvorderde. De opgelegde boete werd verminderd tot € 220, conform het toepasselijke boetebesluit. De Raad vernietigde het eerdere vonnis en het bestreden besluit voor zover het de boete betrof, en legde zelf de boete op.
Uitkomst: De bijstandsuitkering wordt ingetrokken wegens het niet melden van een verplichte stage, en er wordt een boete van € 220 opgelegd.