ECLI:NL:CRVB:2004:AQ6902
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering plaatsing ambtenaar in hogere groepsfunctie met toepassing 50%-regeling
Appellant, werkzaam als groepsfunctionaris C bij de Directie Particulieren, heeft bezwaar gemaakt tegen de weigering van de Staatssecretaris van Financiën om hem met ingang van 1 oktober 1992 te plaatsen in een hogere groepsfunctie E op grond van de 50%-regeling. Na vernietiging van een eerder besluit, wees gedaagde opnieuw het bezwaar af omdat uit onderzoek bleek dat appellant niet structureel ten minste 50% werkzaamheden op E-2 en E-3 niveau verrichtte.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak. De Raad onderschrijft het oordeel dat appellant onvoldoende feitelijke en concrete tegenbewijsstukken heeft aangevoerd tegen de verklaring van leidinggevenden dat hij geen werkzaamheden op E-niveau verrichtte. Ook uit de stukken en het verhoor blijkt niet dat appellant structureel werkzaamheden op E-2 en E-3 niveau uitvoerde.
De Raad overweegt dat de toebedeelde code 3 en 4 posten niet per definitie duiden op E-niveau werkzaamheden, mede gelet op de aard van de werkzaamheden, de mate van zelfstandigheid en het toezicht. De rol van appellant als kartrekker was tijdelijk en niet van een hoger niveau dan C. Gezien deze feiten en omstandigheden is de weigering tot plaatsing in hogere functie terecht en blijft het bestreden besluit in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering appellant met toepassing van de 50%-regeling in een hogere groepsfunctie te plaatsen.