ECLI:NL:CRVB:2004:AR1248
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- A. Beuker-Tilstra
- J.Th. Wolleswinkel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag zweminstructeur wegens ongeschiktheid ondanks ondeugdelijke motivering
Appellant, sinds 1981 zweminstructeur bij de gemeente Leiden, werd in 1994 geschorst en vervolgens ontslagen wegens een zedenincident en plichtsverzuim. Na bezwaar werd het ontslagbesluit vernietigd vanwege onzorgvuldige voorbereiding en werd een herplaatsingstraject gestart. In 2001 verleende de gemeente opnieuw ontslag wegens ongeschiktheid na onvoldoende resultaat van herplaatsingspogingen en een non-coöperatieve houding van appellant.
De rechtbank vernietigde het ontslagbesluit wegens ondeugdelijke motivering, maar handhaafde de rechtsgevolgen omdat appellant ongeschikt werd geacht en voldoende herplaatsingsinspanningen waren verricht. Appellant stelde in hoger beroep dat het incident was opgeblazen en dat het herplaatsingsonderzoek onvoldoende was.
De Raad oordeelde dat het incident en de verklaringen van appellant voldoende grond boden voor ongeschiktheid. De gemeente had voldoende en passende herplaatsingsinspanningen verricht, ondanks de niet-coöperatieve houding van appellant, die passende functies afwees en weigerde een test voor omscholing te ondergaan. Hoewel de gemeente doortastender had kunnen handelen, was het ontslag gerechtvaardigd. De Raad bevestigde daarom het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het ontslag van appellant wegens ongeschiktheid en handhaaft de rechtsgevolgen van het ontslagbesluit.