ECLI:NL:CRVB:2004:AR2483
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- J.D. Streefkerk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) tot intrekking van haar WAO-uitkering per 19 augustus 2001, omdat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 15% zou zijn. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat de medische gegevens geen aanwijzingen bevatten dat appellante ernstiger beperkt was dan reeds vastgesteld.
In hoger beroep betoogde appellante dat nieuwe medische stukken niet waren betrokken in de beoordeling. De Raad concludeerde echter dat deze stukken geen nieuwe feiten of omstandigheden bevatten die het eerdere oordeel konden wijzigen. De medische beperkingen van appellante waren niet onderschat en de voorgestelde functies waren medisch geschikt.
De Raad oordeelde dat het bestreden besluit in rechte stand kon houden en dat geen gronden aanwezig waren voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid.