ECLI:NL:CRVB:2004:AR2868
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering naar 25-35% arbeidsongeschiktheid
Appellant ontving een WAO-uitkering gebaseerd op een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, maar het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) herzag dit naar 25 tot 35%. Appellant maakte bezwaar en ging in beroep tegen dit besluit, stellende dat hij nog steeds leed aan een posttraumatische stressstoornis en fysieke klachten, waaronder schouderproblemen.
De Raad beoordeelde de medische rapporten van verschillende verzekeringsartsen en specialisten, waaronder neuroloog en orthopedisch chirurg. Uit het dossieronderzoek en de medische informatie bleek dat de psychische klachten niet voldeden aan de criteria voor een posttraumatische stressstoornis en dat de fysieke beperkingen niet verder gingen dan reeds door de verzekeringsarts ingeschat.
De Raad concludeerde dat het medisch onderzoek zorgvuldig en volledig was uitgevoerd en dat de beperkingen van appellant passend waren bij de voor hem beschikbare functies. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 25-35% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.