ECLI:NL:CRVB:2004:AR5367
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning als burger-oorlogsslachtoffer onterecht
Eiser, geboren in 1937 te Wenen als kind van een joodse moeder, vroeg in 2001 erkenning als burger-oorlogsslachtoffer en toekenning van een toeslag op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945. Hij stelde dat hij in 1939 naar Nederland werd gebracht om vervolging te ontlopen en tijdens de Duitse bezetting ondergedoken was geweest.
Verweerster wees de aanvraag in 2002 af omdat niet was gebleken dat eiser persoonlijk door oorlogsgeweld was getroffen of ondergedoken was geweest om aan een tegen hem gerichte maatregel te ontkomen. De Raad oordeelt echter, mede op basis van een aan het geding gevoegd vergelijkbaar dossier, dat eiser in 1942 en 1943 een reëel risico op deportatie liep en ondergedoken moest zijn geweest.
Daarmee heeft eiser blootgestaan aan oorlogsgeweld in de zin van de Wet, waardoor het bestreden besluit in strijd met artikel 2 van Pro die Wet is genomen en niet in stand kan blijven. De Raad vernietigt het besluit en bepaalt dat een nieuw besluit wordt genomen, waarbij ook het betaalde griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wordt vernietigd en een nieuw besluit wordt bevolen.