ECLI:NL:CRVB:2004:AR5372
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Weigering periodieke uitkering en toeslag ingangsdatum erkenning burger-oorlogsslachtoffer
Eiser, geboren in 1933 in voormalig Nederlands-Indië, vroeg in 1995 erkenning als burger-oorlogsslachtoffer en een periodieke uitkering aan op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (WUBO). Deze aanvraag werd afgewezen vanwege het niet voldoen aan de territorialiteitseis. In november 2001 diende eiser een hernieuwde aanvraag in, waarna hij op grond van zijn psychische invaliditeit werd erkend als burger-oorlogsslachtoffer en een toeslag werd toegekend met ingang van 1 november 2001. De periodieke uitkering werd echter geweigerd omdat eiser zijn werkzaamheden niet had moeten beëindigen of verminderen door zijn invaliditeit.
Eiser voerde aan dat hij tot 1983 door zijn oorlogstrauma slechts met moeite zijn werk kon verrichten en dat hij daarna niet meer passend werd ingezet, terwijl hij ook bezwaar maakte tegen de ingangsdatum van de toeslag. De Raad oordeelde dat de eerdere afwijzing van 1996 rechtsgeldig was en dat eiser voldoende geïnformeerd was over bezwaarprocedures. Uit verklaringen en medisch rapport bleek dat eiser niet daadwerkelijk zijn werkzaamheden had moeten verminderen of beëindigen vanwege zijn invaliditeit, zoals vereist volgens artikel 7 van Pro de WUBO.
De Raad concludeerde dat het beroep ongegrond is en bevestigde de weigering van de periodieke uitkering en de ingangsdatum van de toegekende toeslag. Er werd geen toepassing gegeven aan vergoeding van proceskosten. Het beroep werd in het openbaar uitgesproken op 4 november 2004.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de periodieke uitkering wordt ongegrond verklaard en de ingangsdatum van de toegekende toeslag wordt bevestigd.