ECLI:NL:CRVB:2004:AR5666
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van besluiten over arbeidsongeschiktheidsuitkering zelfstandige na herbeoordeling
Appellant, een zelfstandig ondernemer in de paardenhouderij, kreeg aanvankelijk een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de WAZ toegekend wegens visusklachten en hoofdpijn. Na herbeoordelingen werd de uitkering verlaagd en uiteindelijk ingetrokken omdat de mate van arbeidsongeschiktheid was afgenomen tot onder de 25%.
Appellant voerde aan dat de vastgestelde arbeidsinkomsten en het aandeel in de bedrijfswinst onjuist waren berekend, mede vanwege de medewerking van zijn echtgenote en dochter en incidentele opbrengsten uit verkoop van ammoniakrechten. De Raad oordeelde dat de gegevens van appellant aan de belastingdienst als uitgangspunt gelden en dat geen concrete aanwijzingen waren om hiervan af te wijken.
Verder werd vastgesteld dat de medische onderzoeken door gedaagde zorgvuldig waren uitgevoerd en dat er geen objectieve gronden waren om de besluiten over de vermindering en intrekking van de uitkering onjuist te achten. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraken en wees de beroepen van appellant af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de eerdere uitspraken en verklaart de beroepen van appellant ongegrond.