ECLI:NL:CRVB:2004:AR6524
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Beoordeling recht op kinderbijslag voor niet-onderwijsvolgend en niet-werkloos kind
Appellante, afkomstig uit Irak, verzocht kinderbijslag voor haar kind Azin, geboren in 1983, die sinds december 1999 in Nederland verbleef. Azin volgde vanaf maart 2000 een taalcursus die niet voldeed aan de eisen voor onderwijsvolgend kind volgens de Algemene Kinderbijslagwet (AKW). Tevens was Azin niet ingeschreven als werkzoekende binnen een maand na binnenkomst in Nederland, wat vereist is om als werkloos kind te worden aangemerkt.
De Sociale verzekeringsbank weigerde kinderbijslag voor Azin toe te kennen over het eerste en tweede kwartaal van 2000. Appellante voerde aan dat pogingen waren gedaan om Azin eerder dan 14 april 2000 in te schrijven als werkzoekende, maar kon dit niet aannemelijk maken met concrete gegevens of consistente verklaringen.
De Raad stelde vast dat Azin op de peildata niet voldeed aan de voorwaarden voor onderwijsvolgend of werkloos kind. Hoewel bijzondere omstandigheden kunnen maken dat een late inschrijving niet tegengeworpen wordt, was er geen bewijs voor een tijdige inschrijving binnen een maand na binnenkomst. Bovendien was Azin op 1 april 2000 niet beschikbaar voor arbeid vanwege haar taalcursus.
De Raad bevestigde daarom het besluit van de Sociale verzekeringsbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot weigering van kinderbijslag voor Azin wordt bevestigd.