ECLI:NL:CRVB:2004:AR6852
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- R.C. Stam
- C.M. van Wechem
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen vaststelling gedifferentieerde WAO-premie en terugwijzing naar rechtbank
Appellante is in hoger beroep gegaan tegen de vaststelling van de gedifferentieerde premie ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) voor het jaar 2000, vastgesteld door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv). De premie is mede gebaseerd op WAO-uitkeringen toegekend aan een veertiental (ex-)werknemers van appellante, waarvan sommige uitkeringen zijn toegekend vóór en andere na 1 januari 1998.
De rechtbank Dordrecht verklaarde het beroep ongegrond omdat appellante volgens de rechtbank niet tijdig bezwaar had gemaakt tegen de vaststelling van de premie voor 1999 en artikel 87e van de WAO het niet toestaat om beroepsgronden aan te voeren tegen besluiten tot toekenning van WAO-uitkeringen na 1 januari 1998. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat dit oordeel onjuist is en dat appellante wel degelijk beroep kan instellen tegen deze besluiten.
De Raad vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank en wijst de zaak terug voor verdere behandeling. Tevens veroordeelt de Raad het Uwv voorwaardelijk in de proceskosten van het hoger beroep en bepaalt dat het Uwv het betaalde recht aan appellante moet vergoeden.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt het vonnis van de rechtbank en wijst de zaak terug naar de rechtbank Dordrecht.