ECLI:NL:CRVB:2004:AR6918
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- H. Bolt
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding
Appellanten hebben tegen twee uitspraken van de rechtbank Amsterdam hoger beroep ingesteld, waarin hun beroepen tegen besluiten van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) ongegrond werden verklaard. Het hoger beroep werd echter na de wettelijke termijn van zes weken ingediend.
De Raad heeft appellanten in de gelegenheid gesteld om redenen voor de overschrijding van de termijn aan te geven. Appellanten verwezen naar mogelijke problemen met een gemachtigde en hoge kosten van rechtshulp in Frankrijk, maar deze gronden werden niet als voldoende verschoonbaar beoordeeld.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat er geen sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding en verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk. De zitting vond plaats zonder aanwezigheid van appellanten en zonder vertegenwoordiging van het UWV.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding.