ECLI:NL:CRVB:2004:AR7507
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens verzwegen drugshandelinkomsten
Appellant ontving sinds december 1995 een bijstandsuitkering. Naar aanleiding van een vermoeden van drugshandel is een onderzoek ingesteld waarbij strafrechtelijke processen-verbaal zijn gebruikt. Appellant is in 1998 veroordeeld voor handel in cocaïne.
Op basis van het onderzoek heeft de gemeente Alkmaar het recht op uitkering over de periode mei 1997 tot mei 1998 ingetrokken en de bijstandskosten teruggevorderd. Appellant voerde aan dat hij slechts in beperkte mate bemiddelde zonder inkomsten te verwerven en verwees naar een strafrechtelijk arrest waarin geen wederrechtelijk voordeel werd vastgesteld.
De Raad oordeelt dat appellant de inlichtingenplicht heeft geschonden door zijn drugshandelinkomsten niet te melden. Het bestuursrechtelijk oordeel staat los van het strafrechtelijk oordeel. Appellant heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij recht had op bijstand over de periode. De intrekking en terugvordering zijn terecht en de uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering wegens schending van de inlichtingenplicht worden bevestigd.