ECLI:NL:CRVB:2004:AR7657
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- A.C.W. van Huussen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering WAO-uitkering wegens niet-toetsing aan Maoc-richtlijn bij whiplashachtige klachten
Appellante raakte op 7 december 1998 betrokken bij een frontale aanrijding waarbij zij een commotio cerebri opliep en sindsdien klachten heeft zoals pijn in hoofd, nek en schouders, vermoeidheid en concentratieverlies. Het UWV weigerde een WAO-uitkering omdat zij op 4 oktober 1999 volledig arbeidsgeschikt werd geacht en de wachttijd van 52 weken niet was vervuld. De verzekeringsarts vond het klachtenpatroon geconditioneerd gedrag en geen ziekte of gebrek.
De Raad stelt vast dat er geen sprake is van een zuivere whiplash, maar dat de Maoc-richtlijn wel van toepassing is bij klachten die lijken op whiplash, ook als het hoofd bij het ongeval iets raakte. Het UWV had ten onrechte niet aan deze richtlijn getoetst, wat in strijd is met artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Hierdoor is het besluit onrechtmatig en dient het te worden vernietigd.
De Centrale Raad vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank die het beroep ongegrond verklaarde. Het UWV moet een nieuwe beslissing nemen waarbij de Maoc-richtlijn wordt betrokken. Tevens wordt het UWV veroordeeld in de proceskosten van appellante en dient het griffierecht te worden vergoed.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd omdat niet is getoetst aan de Maoc-richtlijn, en het UWV moet een nieuwe beslissing nemen.