ECLI:NL:CRVB:2004:AR7675
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wegens onvoldoende bewijs oorlogsgeweld
Eiseres verzocht om erkenning als burger-oorlogsslachtoffer op grond van haar ervaringen tijdens de Japanse bezetting en de Bersiap-periode in voormalig Nederlands-Indië. Zij baseerde haar aanvraag op huiszoekingen, vlucht, getuige zijn van geweld, verblijf in een beschermingskamp en het overlijden van haar zus.
De Raad oordeelde dat niet voldoende is aangetoond dat eiseres persoonlijk is getroffen door oorlogsgeweld zoals bedoeld in artikel 2 van Pro de Wet. Huiszoekingen waren niet gericht op haar, de vlucht vond niet onder levensbedreigende omstandigheden plaats, en er is geen bevestiging van directe betrokkenheid bij geweld of beschietingen. Het overlijden van haar zus kon niet worden toegerekend aan oorlogsgeweld in de zin van de Wet.
Ook het verblijf in het kamp Kramat tijdens de Bersiap-periode viel niet onder de Wet, omdat het geen Japans of extremistenkamp betrof. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel met haar broer, die wel erkend is, werd verworpen omdat hun omstandigheden wezenlijk verschilden.
De Raad concludeerde dat het beroep ongegrond is en wees proceskostenveroordeling af. Het besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad om de erkenning te weigeren blijft daarmee in stand.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wordt geweigerd.