ECLI:NL:CRVB:2004:AR7816
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.C.F. Talman
- G.L.M.J. Stevens
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag uitkering vervolgingsslachtoffer wegens internering buiten werkingssfeer Wet
Eiser, geboren in 1940 in het voormalig Nederlands-Indië, vroeg een periodieke uitkering aan op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945, omdat hij gezondheidsklachten toeschrijft aan internering tijdens de Japanse bezetting.
De Pensioen- en Uitkeringsraad wees de aanvraag af omdat uit onderzoek bleek dat eiser wel geïnterneerd was, maar in de na-oorlogse Bersiap-periode, welke buiten de werkingssfeer van de Wet valt. Er werden geen objectieve gegevens gevonden die de internering tijdens de Japanse bezetting bevestigen.
De Raad oordeelde dat de internering in de Bersiap-periode heeft plaatsgevonden, mede op basis van archiefonderzoek, verklaringen van familieleden en het dossier van eisers broer. De Raad achtte het bestreden besluit rechtmatig en verklaarde het beroep ongegrond.
Het beroep werd behandeld op 4 november 2004, en op 16 december 2004 werd het vonnis uitgesproken door de Centrale Raad van Beroep. De Raad vond geen aanleiding voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard omdat zijn internering plaatsvond in de Bersiap-periode buiten de werkingssfeer van de Wet.