ECLI:NL:CRVB:2004:AR8135
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- R.H.M. Roelofs
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstandskosten wegens nabetaald salaris over bijstandsperiode
Appellant ontving sinds november 1997 een bijstandsuitkering. In een heronderzoek bleek dat appellant in december 2000 een nabetaling van netto ƒ8.239,93 ontving van zijn voormalige werkgever, betrekking hebbend op salaris over juli 1997 tot maart 1998. De gemeente Maastricht besloot daarop de gemaakte bijstandskosten over de periode van november 1997 tot maart 1998 terug te vorderen.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat de nabetaling ook vakantietoeslag en openstaande verlofuren betrof en dat de betaling geheel vóór de bijstandperiode lag. De Raad stelde vast dat het bedrag betrekking had op de periode waarin bijstand werd ontvangen, waardoor terugvordering op grond van artikel 82 Abw Pro gerechtvaardigd was.
De Raad merkte op dat de gemeente bij de berekening een iets andere periode hanteerde, wat resulteerde in een lagere terugvordering dan strikt genomen mogelijk was, waardoor appellant niet benadeeld werd. Er waren geen dringende redenen om van terugvordering af te zien. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van bijstandskosten bevestigd.