ECLI:NL:CRVB:2004:AR8706
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Terugvordering onverschuldigde BWOO-uitkering na vertrek naar het buitenland
Appellant ontving een BWOO-uitkering die na zijn vertrek naar het buitenland abusievelijk werd doorbetaald. Gedaagde vorderde terugbetaling van deze onverschuldigde uitkering over de periode april 1997 tot maart 1999.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, maar de Raad constateerde dat de rechtbank Arnhem niet bevoegd was en vernietigde het bestreden besluit. De Raad oordeelde dat appellant zich bewust had moeten zijn van het onrechtmatig ontvangen van de uitkering, ondanks zijn verblijf in het buitenland en het niet zelf beheren van zijn bankrekening.
De Raad stelde het terug te vorderen bruto bedrag vast op f 81.570,43 (€ 37.015,04), inclusief loonheffing, en veroordeelde de Staat tot vergoeding van de proceskosten en griffierechten. Het hoger beroep werd gegrond verklaard en het besluit van gedaagde vernietigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt het bestreden besluit en stelt de terugvordering vast op € 37.015,04.