ECLI:NL:CRVB:2004:AS2755
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- M.M. van der Kade
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering nabestaanden- en halfwezenuitkering wegens niet-verzekerd zijn echtgenoot
Appellante verzocht om een nabestaanden- en halfwezenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW) na het overlijden van haar echtgenoot op 29 april 2001. De echtgenoot van appellante had sinds 1991 een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangen en was in 1997 met zijn gezin naar Turkije vertrokken, waarna hij zich uitschreef uit het Nederlandse bevolkingsregister.
Gedaagde, de Sociale verzekeringsbank, wees de aanvraag af omdat de echtgenoot ten tijde van zijn overlijden niet verzekerd was op grond van de ANW. Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, dat werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, en ook in hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel.
De Raad vond geen nieuwe argumenten die tot een ander oordeel konden leiden en sloot zich aan bij de overwegingen van de rechtbank. Er was geen sprake van verzekering ingevolge de ANW ten tijde van het overlijden van de echtgenoot. De uitspraak werd bevestigd zonder dat er termen waren voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de nabestaanden- en halfwezenuitkering omdat de echtgenoot niet verzekerd was ingevolge de ANW ten tijde van overlijden.